Marine Flak Batterie Nansum

Op 24 juni 1942 werd de 2./-Batterie Marine Flak Abteilung 246 (2./-M.Fl.A. 246) ter verdediging van Emden met drie buitgemaakte Nederlandse kanonnen van het type 7,5cm. Vickers Flak ten noorden van de al bestaande Batterie Delfzijl gestationeerd. De kanonnen werden aangesloten op het netwerk van Batterie Delfzijl en was zodoende binnen korte tijd gevechtsklaar. Enkele weken later, op 17 juli, werd hieraan een luisterapparaat (Horchgerät) en een 150cm. zoeklicht toegevoegd. Hoewel deze nieuwe batterij nog niet officieel een naam had staat het in de Duitse documentatie vermeld als ‘Delfzijl neue Batterie’. Aan de Dollard, op Nederlands grondgebied bevonden zich nu vier zware luchtafweerstellingen; Batterie Delfzijl (1940), Batterie Termunten (1941), Batterie Dollart-Süd (begin 1942) en tot slot Batterie Nansum (zomer 1942).

Afb.1 - Buitgemaakte Nederlandse 7,5cm kanonnen en 150cm. zoeklichten in opslag bij het Marine Artillerie Zeugamt Emden. Deze stukken werden in 1940 en 1941 ingezet bij de Marine Flak Abteilung 236 en 246 (Collectie: Oorlogsmuseum Middelstum)


Eind augustus 1942 werd er een definitieve plek gevonden voor deze luchtdoelbatterij. De Kriegsmarine vond de dijk bij Nansum een uitstekende plek om een stelling te bouwen. Ten behoeve hiervan werden door de Ortskommandantur Delfzijl - onder leiding van Korvettenkapitän Oelrichs – op 1 september percelen gevorderd op de dijk en de daarachter gelegen weilanden. De gedupeerde grondbezitters waren Klaas Stoppels, Jan Ebbens en Roelf Elema, allen uit Holwierde. Daarnaast bezat de provincie ook nog een deeltje die eveneens werd gevorderd. Als schadeloosstelling kregen de drie mannen uit Holwierde jaarlijks 328,57 uitgekeerd door de Wehrmachtbezirksverwaltung (U)X Groningen.

Afb. 2 - Tekening van september 1942 met de gevorderde percelen (Collectie: Gemeentearchief Eemsdelta)


Direct na de vorderingen begon de bouw van de batterij – toen officieel Batterie Nansum genoemd. Hiermee werd ook het commando overgegeven van de Marine Flak Abteilung 246 naar het op 21 maart 1942 opgerichte Marine Flak Abteilung 256. De Batteriechef (commandant van de gehele batterij) was Kapitänleutnant Berger.

Er werden een aantal barakken geplaatst waaronder een kantine, enkelen voor de huisvesting van de ruim 100 manschappen en officieren, proviand en andere belangrijke zaken. In de zeedijk werden vier betonnen emplacementen gestort waarop het luchtafweergeschut kwam te staan. Ruim twee maand na de eerste vorderingen werd Batterie Nansum met 3 stuks 7,5cm kanonnen gevechtsklaar gemeld in het Kriegstagebuch des Kommandanten im Abschnitt Emden. Op 20 november werd hier naast een al aanwezige 2cm. Oerlikon (Takt.Nr. 190) nog een 3,7cm. Flak S.K. (Takt.Nr. 189) toegevoegd om laagvliegers te kunnen beschieten en zo de perimeter rondom de batterij te beschermen. Om de kanonnen goed te kunnen richten werd gebruik gemaakt van een vuurleidingspost (Leitstand). Deze stond meestal in het midden of tussen de geschutstellingen in.

Afb. 3 & Afb. 4 - Barakken te Batterie Nansum omstreeks 1943. (Collectie: Afb. 3 - Gemeente Eemsdelta, Afb. 4 - Familie Tumbrink)

Afb. 5 - Bonte avond in de Batterie (Collectie: Fam. Tumbrink)

Afb: 6 - Asbak van Batterie Nansum (Collectie: Oorlogsmuseum Middelstum


1943

De geallieerde bombardementen op de havensteden in het noorden van Duitsland intensiveerden. Omwille hiervan werd er op 25 januari een vierde kanon aan de batterij toegevoegd. Ook dit betrof weer een 7,5cm. Flak Vickers van Nederlandse makelij. Later dat jaar, in mei maakte de sectiecommandant van Emden zich zorgen over de effectiviteit van de luchtdoelbatterijen in zijn gebied. Vooral bij aanvallen overdag was de uitwerking van de kanonnen zeer gering, mede door de grote hoeveelheden aan vliegtuigen, de hoogte waarop ze vlogen, en zoals eerder gezegd de intensiteit waarmee dit gebeurde. Het was dan ook zeer wenselijk dat de kanonnen vervangen werden door een zwaarder kaliber, bij voorkeur een opwaardering naar 10,5cm. Flak..

Een nog noemenswaardig fragment uit de batterijgeschiedenis van 1943 is een ongeluk op 18 oktober. Bij het ontladen van een granaat lieten de manschappen deze per ongeluk vallen waarna deze zichzelf ontstak. Dit leidde ertoe dat twee soldaten licht- en twee soldaten zwaar gewond raakten. De toen 29-jarige Obergefreiter Herbert Gadke en 23-jarige onderofficier Walter Braune moesten beiden ca. twee maand in een Gronings ziekenhuis liggen, maar waren voor kerst weer terug in Nansum.

Afb. 7 - Het Marine Artillerie Zeugamt in Emden kort na een hevig bombardement op de havenstad. De grote stapels explosieven zijn ongedeerd gebleven. (Collectie: Oorlogsmuseum Middelstum)


1944

In mei 1943 uitte de sectiecommandant van Emden al zijn ongenoegen over de relatief lichte luchtdoelkanonnen bij o.a. Nansum. Het verzwaren van het kaliber was van noodzakelijk belang. Hier werd in februari gehoor aangegeven en aan Batterie Nansum werden drie kanonnen van het type 10,5cm. S.K./C 32 toegewezen.  De oude kanonnen werden uit de beddingen gehesen en elders weer hergebruikt. Op 7 februari werden de nieuwe kanonnen ingeschoten en hiermee was Nansum 'Gefechtsklar'. Toevalligerwijs werd op D-Day – 6 juni 1944 – het vierde stuk 10,5cm Flak gereed gemeld. Toen eigenlijk nog geen weet hebbende van wat er zich die dag afspeelde in Normandië. 

Afb. 8 - Deksel van één van de Nansumer kanonnen (collectie: Oorlogsmuseum Middelstum)

Afb. 9 - 10,5cm in Batterie Wybelsum bij Emden, Afb. 10 - hijsen van een 10,5cm in Batterie Termunten (Collectie: Oorlogsmuseum Middelstum)


In de dagen en weken die volgden op D-Day zagen de Duitsers in dat de situatie voor hun nijpender werd en zij er niet zo best meer voorstonden. De geallieerden vochten zich een weg richting het noorden en toen werd het voor de Duitsers wel duidelijk dat er meer verdedigingsmaatregelen getroffen moesten worden om een eventuele aanval vanuit het zuiden én vanaf de grond te kunnen tegenhouden. Tevens moesten er maatregelen genomen worden om de soldaten, materieel en materiaal te beschermen tegen het oorlogsgeweld. Vele soldaten waren in de voorbije jaren al gestorven en alles wat ze gebruikten kapot gegaan. Om dit probleem deels op te lossen moesten er bunkers worden gebouwd. Nadat de plannen voor deze verdediging en bunkerbouw waren uitgewerkt begonnen ze – in het geval van de Noord-Nederland -  rond het einde van de zomer met de realisatie hiervan. In allerijl werden tienduizenden dwangarbeiders, onder leiding van de Organisation Todt, aan het werk gezet in de provincie voor het maken van loopgraven, tankgrachten, schuttersputjes, geschutstellingen, mijnenvelden en prikkeldraadversperringen.

Ook rondom Batterie Nansum werd hevig gegraven in de zware klei. Daarnaast werden er op het batterijterrein vijf zware bunkers gebouwd:

3 x Regelbau 668 voor het onderbrengen van manschappen

1 x Regelbau M383 voor het onderbrengen van een aggregaat

1 x Regelbau FL246 voor alle soorten munitie die gebruikt werden binnen de stelling.

De vijf bovenstaande bunkers waren zgn. Ständige Regelbauten, wat kortweg inhield dat ze volgens een standaardontwerp gebouwd zijn met een standaard inrichting en een dak- en muurdikte van minimaal 2 meter gewapend beton. De 668 is hierop een uitzondering, deze was meestal in 1,5m. gewapend beton uitgevoerd. Ook in het geval van Nansum.

Verder werden er nog enkele tobroekstellingen (betonnen mangat voor bijv. een machinegeweer), een manschappenbunker met een muurdikte van 0,50m. en enkele bakstenen bouwwerken geplaatst. Tot slot kwam er een nieuwe vuurleidingpost. Dit werd een bakstenen toren met enkele ruimtes voor de gegevensverwerking, telefonie en manschappen met op het dak de afstandsmeter en radar. Op 19 januari 1945, drie uur in de middag werd dit bouwwerk gevechtsklaar gemeld.

Afb. 11 - Batterie Nansum in de winter van 1940/1941 gefotografeerd door de Royal Air Force. Alle verdedigingswerken waren ten tijde van de foto al gereed gesteld. In de dijk zijn de geschutstellingen duidelijk zichtbaar. (Collectie: Dotka)

Afb. 12 - De Leitstand van Batterie Nansum enkele jaren na de oorlog. Op het dak restanten van de afstandmeter en radar type Fu.M.O. 202 Flakleit 41G. (Collectie: Gemeentearchief Eemsdelta)


1945

De eerste maanden van 1945 waren relatief rustig voor de soldaten in Nansum. Dat veranderde in de eerste helft van april 1945 toen de geallieerden al in Drenthe en later de provincie Groningen waren gearriveerd. Op 15 april werd Winschoten bevrijd en een dagen later na vier dagen van zware gevechten, de stad Groningen. Hierna trokken de bevrijders snel op richting Delfzijl. Tegenstand werd eigenlijk niet verwacht door hen, maar de Duitsers dachten daar anders over. Manschappen werden in gereedheid gebracht en de stellingen genomen. De luchtdoelkanonnen werden nu landinwaarts gericht en munitie moest gespaard blijven om de geallieerden te beschieten. De verdediging rond ‘Unterabschnitt Delfzijl', pakweg lopend vanaf Hoogwatum ten noorden van Nansum naar Woldendorp/Fiemel, was een onderdeel van de Festung Emden. De verklaring tot Festung was officieel en betekende dat het gehele gebied wat tot vesting verklaard was tot de laatste man en kogel verdedigde diende te worden.

Op maandag 23 april naderden Canadese soldaten van het Perth Regiment Holwierde en nog diezelfde dag werden de eerste gebouwen aan de rand van het dorp ingenomen door hen. Zware gevechten tussen de Duitsers en Canadezen volgden, Batterie Nansum, maar ook vele andere batterijen zoals Coronel op Borkum met zijn 28cm. geschut schoten bijna continu op alles wat bewoog in de omgeving van Holwierde. Zes dagen later, op zondagmorgen omstreeks half zes in de ochtend zweeg de batterij. De Canadezen hadden dit deel van de verdediging weten te breken..

Afb. 13 -  inwoners van Holwierde vluchten over straat nabij de driesprong Krewerderweg-Hoofdweg. De molen die even daarvoor nog in brand stond is inmiddels ingezakt. Afb. 14 - soldaat van het Perth Regiment op een van de kanonnen van Nansum (Collectie: B. Donaldson)

Afb. 15 - Batterie Nansum in de zomer van 1945 (Collectie: onbekend)


Direct na de bevrijding werd de omgeving van Nansum opgeruimd en ontdaan van de vele munitie die was achtergebleven. Deze munitie werd opgeslagen in de twee type 668 manschappenbunkers en vervolgens tot ontploffing gebracht. De vier beddingen voor de kanonnen in de dijk werden samen met de drie opgeblazen restanten enkele jaren later afgebroken en opgeruimd. Hoewel de omgeving drastisch veranderd is door twee dijkverzwaringen, resteren de FL246 munitiebunker en de M383 machinebunker nog als stille getuigen in het landschap.

Afb. 16 - De bunkers van Nansum enige tijd na de oorlog. (Collectie: Groninger Archieven)

Afb. 17 - Situatietekening van de batterij (Collectie: onbekend)